Lichthinder is geen kwestie van smaak maar van meetbare waarden: hoeveel licht er op een gevel valt, hoe fel het armatuur is vanuit het oog van de buurman, en hoeveel licht er de lucht in gaat.
Voor een terrein in Nederland zijn dat de zonewaarden uit CIE 150 en de NSVV-richtlijn. Bouwt u in Frankrijk, Duitsland, Slovenië of Vlaanderen, dan gelden andere en soms strengere regels: een maximale kleurtemperatuur, verplichte uitschakeltijden of een harde nul op opwaarts licht. Deze pagina zet die kaders naast elkaar en laat zien welke ontwerpkeuzes werkelijk verschil maken.
Full cut-off betekent dat er boven de horizontaal geen licht wordt uitgestraald. Niet weinig, maar niets. Dat is de enige waarde die zone E1 toestaat, en het is ook de eis die Slovenië en verschillende Italiaanse regio’s landelijk stellen.
Ze hebben elk een eigen grootheid, een eigen grenswaarde en een eigen oplossing. Een klacht van een omwonende gaat bijna altijd over de eerste twee; een bezwaar van een gemeente of een ecoloog over de laatste twee.
De verlichtingssterkte op het raam of de gevel van een omwonende, gemeten in het verticale vlak. Dit is de grootheid waarop vrijwel elke klacht en elk handhavingsverzoek is gebaseerd, want het is de enige die iemand in zijn slaapkamer merkt.
De lichtsterkte van het armatuur zelf, gezien vanuit de richting van de waarnemer. Een fel lichtpunt in het zicht is hinderlijk ook als er nauwelijks licht op de gevel valt; bij verkeer gaat het bovendien om verkeersveiligheid.
Het aandeel van de lichtstroom dat boven de horizontaal het armatuur verlaat, en dat de lichtkoepel boven een gebied veroorzaakt. Blauw licht verstrooit sterker en draagt daar meer aan bij dan amber licht.
Vleermuizen die een verlichte route mijden, insecten die zich rond een lichtpunt verzamelen, trekvogels die desoriënteren, en planten die hun seizoensritme verschuiven. Hier bestaat geen grenswaarde in lux: het gaat om het spectrum, de plaats en de tijd.
Het internationale kader werkt met vijf omgevingszones. Welke zone geldt, bepaalt de overheid, niet de leverancier. Elke waarde staat twee keer: vóór curfew, het moment waarop de nacht ingaat, en daarna. Dat curfew-tijdstip stelt de gemeente vast, in de praktijk meestal tussen 22.00 en 23.00 uur.
Onze hele DarkLicht-lijn is full cut-off: geen licht boven de horizontaal, in elke uitvoering. Dat is geen accessoire of afschermkap maar de manier waarop het armatuur is opgebouwd.
Voor projecten met een harde grens aan het blauwaandeel leveren wij ook amber 2200 K en dark-sky-uitvoeringen van 1700 tot 1800 K; wat dat met zicht en herkenning doet, staat op lichtkleur en kelvin. De masthoogte die hierbij hoort, en waarom hoger vaak minder hinder geeft, staat op lichtmasten en high mast. Op een tijdelijk terrein leveren wij dezelfde full cut-off armaturen op een mobiele lichtmast, zodat een bouwplaats naast woningen ook ’s nachts binnen de grenswaarden blijft.
De Europese Unie regelt de energieprestatie van lichtbronnen en beschermt via de Habitat- en Vogelrichtlijn de Natura 2000-gebieden, maar er is geen richtlijn die grenswaarden voor lichthinder oplegt. Het gevolg: elk land, en in Italië en Spanje elke regio, doet het anders. Voor een internationaal project betekent dat dat het armatuur dat in Rotterdam voldoet, in Lyon buiten de regels kan vallen.
Wel Europees geregeld: bij een project met mogelijke effecten op een Natura 2000-gebied is een passende beoordeling verplicht, en licht is daarin een erkende storingsfactor. Datzelfde geldt in de milieueffectrapportage. Dat is de route waarlangs lichthinder in de praktijk het vaakst een projectrisico wordt, ook in landen zonder eigen lichtwet.
Full cut-off is de eerste stap en niet de laatste. Deze volgorde is hoe wij een project aanpakken als de omgeving een issue is, en hij is niet toevallig: de eerste drie kosten niets extra, de laatste drie kosten geld of licht.
Bij een vergunningaanvraag of een bezwaarprocedure vraagt de gemeente of de omgevingsdienst om cijfers, niet om beloftes. Dit is wat wij bij een lichtplan meeleveren.
Bij een beschermd gebied is een ecologisch advies leidend, en dat komt van een ecoloog. Wij leveren de lichtberekening en de spectrale gegevens die daarvoor nodig zijn.
Ligt er al een bezwaar of een handhavingsverzoek op tafel, stuur dan de brief mee. Dan zien wij welke grootheid er wordt aangevoerd, en dat bepaalt welke maatregel zin heeft.
Een armatuur dat boven de horizontaal geen licht uitstraalt: de opwaartse lichtstroom is nul, niet laag. Dat wordt bepaald door de opbouw van het armatuur, niet door een kap die er later omheen gaat. Onze hele DarkLicht-lijn is zo opgebouwd, in elke uitvoering.
Nee, en dat is een belangrijk verschil. Licht dat op uw terrein valt, reflecteert deels omhoog: bij nat asfalt of licht beton meer dan bij donkere klinkers. Full cut-off haalt de directe component eruit, wat de grootste bijdrage is, maar de reflectie blijft. Daarom telt naast het armatuur ook het lichtniveau, en daarom is niet meer lux dan nodig ook een lichthindermaatregel.
De overheid, via het omgevingsplan, de vergunning of het lokale beleid. Een leverancier kan dat niet vaststellen. Wat wij wel doen: rekenen met de zone die u of uw adviseur opgeeft, zodat u ziet of het ontwerp binnen die eis blijft. Ligt uw terrein op de grens van twee zones, dan is dat een gesprek met de gemeente vóórdat u ontwerpt.
Het tijdstip waarop de nachtelijke, strengere grenswaarden ingaan. Dat wordt lokaal vastgesteld en ligt in de praktijk meestal tussen 22.00 en 23.00 uur. In zone E1 en E2 gaan de waarden na curfew richting nul, en dat betekent dat u het niet met de armatuurkeuze alleen redt: er moet een dim- of uitschakelscenario liggen.
Nee. De EU regelt de energieprestatie van lichtbronnen en beschermt Natura 2000-gebieden, maar er is geen richtlijn met grenswaarden voor hinderlijk licht. CIE 150 en bijlage A van EN 12464-2 vormen het gemeenschappelijke kader, maar ze zijn pas bindend als een vergunning, bestek of nationale regel ernaar verwijst. Daaronder heeft elk land, en in Italië en Spanje elke regio, eigen regels.
Slovenië en Frankrijk zijn de bekendste voorbeelden. Slovenië eist nul opwaarts licht met plafonds op vermogen; Frankrijk stelt naast eisen aan opwaarts licht ook een maximale kleurtemperatuur, verplichte uitschakeltijden en een maximum aan lichtstroom per hectare. Verschillende Italiaanse regio’s eisen eveneens nul opwaarts. Een ontwerp dat in Nederland gangbaar is, kan daar afvallen.
Ontwerp op het strengste kader dat in het portfolio voorkomt, en niet per project op het minimum. Full cut-off, een vastgelegd nachtprofiel en een niveau dat de norm niet overschrijdt, brengt u in vrijwel elk Europees rechtsgebied binnen de eisen. De uitzondering die u apart moet checken, is de kleurtemperatuur: die is in Frankrijk en in beschermde gebieden elders een harde grens.
Dat verschilt per land, maar de route loopt bijna altijd via de gemeente of de omgevingsdienst: een handhavingsverzoek of, in het Verenigd Koninkrijk, een beroep op wettelijke hinder. Waar het in de praktijk op vastloopt, is de verticale verlichtingssterkte op de gevel. Reken die dus vóóraf uit, dan hebt u een dossier in plaats van een discussie.
Beperkt. Een kap kan verblinding in één richting verminderen, maar het licht is dan al uitgestraald en komt deels als strooilicht terug. Bij bestaande installaties levert een lagere kantelhoek, een lager niveau of een nachtprofiel meestal meer op. Wij meten liever eerst wat er werkelijk op de gevel valt voordat er iets wordt gemonteerd.
Voor een deel van de fauna is het blauwe en witte deel van het spectrum verstorender dan amber licht, en voor vleermuizen weegt een aaneengesloten donkere route zwaarder dan het exacte lichtniveau. Grenswaarden in lux bestaan hiervoor niet. Bij een beschermd gebied is een ecologisch advies leidend, en dat komt van een ecoloog; wij leveren de lichtberekening en de spectrale gegevens die daarvoor nodig zijn.
Hoger monteren geeft doorgaans minder hinder, en dat verrast mensen. Bij een hogere mast valt het licht onder een kleinere hoek op het vlak, hoeft het armatuur niet of nauwelijks gekanteld te worden en blijft het licht op het terrein in plaats van erlangs. Kantelen is de belangrijkste oorzaak van verblinding en lichtinval bij de buren.
Een lichtberekening met de lux op het terrein en op de erfgrens, de verticale verlichtingssterkte op naburige gevels met en zonder nachtprofiel, de opwaartse lichtstroom, de lichtsterkte richting de maatgevende waarnemer, het fotometrische bestand en het voorgestelde schakelschema. Dat leveren wij bij elk lichtplan mee, ook als het project buiten Nederland ligt.
Wat 3000, 4000 en 5700 K buiten doen, en waar amber en dark sky horen.
Waarom meer lumen niet meer licht op de grond betekent, en hoeveel er naast het vlak verdwijnt.
Chiprendement tegenover systeemrendement, en waarom sturing meer oplevert dan lm/W.
Alle onderwerpen bij elkaar staan op subsidie en kennisbank.
In de lichtberekening zetten wij niet alleen het niveau op uw terrein, maar ook wat er op de erfgrens en op naburige gevels terechtkomt, met en zonder nachtprofiel. Kosteloos, en binnen één werkdag antwoord van een engineer. Ook voor projecten buiten Nederland.