Wat betekent dit voor uw situatie?
Stuur de maten en de omstandigheden, dan rekenen wij het door volgens EN 12464-2 en krijgt u een lichtplan met armaturen en posities.
Wat uw veld nodig heeft staat in de norm, wat het kost in uw begroting. Wij rekenen beide door: per sport de luxeis en de uniformiteit uit NEN-EN 12193, en daarnaast het vermogen, het verbruik en de subsidie die daarbij horen.
Een wedstrijdveld op 200 lux verlichten wij met acht masten en één armatuur per mast. Dat is minder montagepunten, minder bekabeling en minder onderhoud op hoogte dan een klassieke opstelling met drie tot zes schijnwerpers per mast. Omdat onze optiek full cut-off is, blijft het licht op het veld en niet in de tuin van de buren.
Heeft uw vereniging een vaste huisinstallateur, of moet een gemeente het werk aanbesteden, dan hoeft dat geen reden te zijn om ergens anders te kijken. Wij werken beide kanten uit: met eigen VCA**-monteurs, of als leverancier aan de partij die het werk uitvoert.
Lichtplan, levering, montage en inbedrijfstelling met eigen VCA**-monteurs. Eén aanspreekpunt, één garantie, één factuur. Ook het onderhoud daarna, op contract of op afroep.
Heeft u een huisinstallateur, of is het werk aanbesteed? Dan leveren wij de armaturen, het lichtplan en het montagemateriaal, en ondersteunen wij uw installateur met specificaties en montage-instructies.
De luxeis, de uniformiteit en de mastopstelling verschillen per sport, en het verschil is groter dan de meeste offertes laten zien. Een hockeyveld op trainingsniveau vraagt bijna drie keer zoveel licht als een voetbalveld op datzelfde niveau. Hieronder staat per sport wat er nodig is en wat er anders is.
Het meest voorkomende veld, en het veld waar de meeste fouten in staan: te weinig licht in de hoeken en te veel spill over de erfgrens. Onze configuratie is 4 × 1.200 W plus 4 × 1.800 W op een veld van 100 × 64 m, en 8 × 1.800 W op 105 × 69 m.
Hockey heeft een eigen, strengere tabel. Een hockeyveld op klasse III vraagt 200 lux bij U2 0,70, waar een voetbalveld op datzelfde niveau met 75 lux bij U2 0,50 volstaat: bijna drie keer zoveel licht en een veel strakkere verdeling. De bal is klein, laag en snel, dus uniformiteit weegt hier zwaarder dan bij voetbal. Wie een hockeyveld met een voetbalconfiguratie offreert, zit onder de norm.
De korfbalpaal staat middenin het speelveld en niet aan de rand. Daardoor telt de schaduwwerking van de mastopstelling zwaarder: een speler onder de korf mag niet in zijn eigen schaduw staan. Wij zetten de masten daarom bewust niet symmetrisch op de lange zijde alleen.
Bij de opslag kijkt een speler recht omhoog, dus verblinding is hier het bepalende ontwerppunt. Wij plaatsen daarom liever hoger dan gebruikelijk: bij 12 tot 15 meter valt het licht onder een kleinere hoek in en kijkt een speler niet in de bundel. Bij padel spiegelen de glaswanden het licht terug in het veld. De norm schrijft bij padel een vrij te houden veiligheidszone voor bij beide ingangen: 2 m breed, 4 m hoog en 4 m vanaf het midden naar beide zijden. Daar mag geen mast of armatuur staan.
Rugby gebruikt dezelfde luxeis als voetbal, maar het veld is met 144 × 69 m inclusief de in-goal-zones aanzienlijk groter. Wie een voetbalopstelling overneemt, komt in de in-goal-zones licht tekort, precies waar de bal het vaakst hoog gaat.
Binnenveld en buitenveld vragen twee verschillende lichtniveaus in één installatie: bij honkbal klasse III 300 lux binnen en 200 lux buiten, bij softbal 200 en 100 lux. Het binnenveld is 27,5 × 27,5 m (softbal 20 × 20 m), het buitenveld 120 × 120 m (softbal 90 × 90 m). De overgang tussen beide zones moet vloeiend zijn, anders verdwijnt een hoge bal in het donkere deel.
Een buitenveld voor handbal is klein en ligt vaak dicht tegen de bebouwing of tegen andere velden aan. Dat maakt lichthinder hier eerder een probleem dan de luxeis: met vier lichtpunten op beperkte hoogte is een scherpe cut-off het verschil tussen wel en geen klacht.
Bij discus, speer en kogelslingeren kan het voorwerp boven de lichtbundel uitkomen en is het tijdens een deel van zijn vlucht onzichtbaar. Dat is een veiligheidspunt en geen comfortpunt: de bundel moet hoog genoeg doorlopen, of het werpvak moet apart worden verlicht.
Drie dingen wijken af: er staat stof in de lucht, dieren schrikken van flikkering, en de bak is klein ten opzichte van de gewenste masthoogte. Flikkervrije drivers zijn hier dus geen extraatje maar een eis, en de afscherming moet voorkomen dat een paard vanuit de bak in een lichtpunt kijkt.
Jeu de boules, beachvolleybal, golf, een trainingsveldje achter de kantine of een combinatieveld voor twee sporten: het rekenwerk is hetzelfde. NEN-EN 12193 kent per sport een eigen tabel, en wij toetsen uw veld daar tegen, samen met de eisen van uw bond. Geef de afmeting en het gebruik door, dan zeggen wij welke klasse van toepassing is.
Wij doen buitensport op veld- en clubniveau tot en met regionale competitie. Voor stadions met tribunecapaciteit, televisie-eisen en camerastandpunten, en voor binnensport in sporthallen en zalen, is een andere partij beter op zijn plaats. Dat zeggen wij liever nu dan na drie gesprekken.
Een lichtberekening is een plaatje met cijfers; hoe een veld er werkelijk uitziet, ziet u pas op een foto die vanaf de zijlijn en van buiten het hek is gemaakt. Let bij elk beeld op wat er níet licht geeft: de lucht boven de mast, de gevels achter het veld en de tuinen langs de erfgrens.
Wilt u het bij uw eigen club zien voordat er iets besloten wordt? Wij hangen een proefarmatuur op uw eigen mast, op een trainingsavond, en meten wat er op het veld en over de erfgrens terechtkomt.
Van elk project leveren wij de lichtberekening, de meetrapportage na oplevering en foto’s van de nieuwe situatie. Die laatste zijn ook het bewijsstuk waarmee u bij de gemeente of de buurt kunt aankomen.
Bekijk ook lichtadvies en lichtberekening, of de masten waarop deze installaties staan.
NEN-EN 12193:2018 is de Europese norm voor sportverlichting. Hij verdeelt sport in drie klassen en geeft per sport een verlichtingssterkte, een uniformiteit en een kleurweergave-index. Wij hebben een licentie op de norm en toetsen elk lichtplan er tegen.
Training, recreatie, schoolsport en kleine clubcompetitie zonder publiek. Dit is wat de meeste Nederlandse amateurvelden nodig hebben, en waar de meeste verenigingen op uitkomen.
Competitie op clubniveau en regionaal niveau, met publiek op korte tot middellange afstand. De configuratie die wij als voorbeeld doorrekenen, acht masten op 200 lux, hoort hierbij.
Nationale en internationale wedstrijden, grote publiekscapaciteit en lange kijkafstanden. Dit is stadionwerk; daar zijn wij niet de aangewezen partij voor.
De norm is het vertrekpunt, niet het eindpunt. Bonden en competitiereglementen kunnen aanvullende of afwijkende eisen stellen, bijvoorbeeld aan het niveau voor promotieklassen, aan de meetprocedure of aan de rapportage bij keuring. Wij toetsen uw veld tegen beide en zetten in het lichtplan welke eis waar vandaan komt.
Horizontale verlichtingssterkte, gemiddeld onderhouden, in lux. U2 is de uniformiteit (minimum gedeeld door gemiddelde), Ra de kleurweergave-index.
Klasse III met 75 lux bij U2 0,50 is het niveau waarop de meeste amateurvelden trainen. Klasse II op 200 lux is het niveau van onze rekenvoorbeelden.
Hockey heeft een eigen, strengere tabel: U2 0,70 in alle drie de klassen, en op klasse III 200 lux tegenover 75 bij voetbal. Wie een hockeyveld met een voetbalconfiguratie offreert, zit onder de norm.
Bij padel schrijft de norm een vrij te houden veiligheidszone voor bij beide ingangen: 2 m breed, 4 m hoog en 4 m vanaf het midden naar beide zijden. Daar mag geen mast of armatuur staan.
Twee lichtniveaus in één installatie. De overgang tussen binnen- en buitenveld moet vloeiend zijn, anders verdwijnt een hoge bal in het donkere deel.
Softbal zit op klasse III lager dan honkbal: 200 lux binnen en 100 lux buiten. Speelt uw vereniging beide, dan rekenen wij op de zwaarste van de twee.
Bij hardloopnummers mag in klasse III naar 50 lux worden gezakt. Bij werpnummers geldt het omgekeerde: daar telt de hoogte van de bundel, niet alleen de lux op de grond.
Een veld met 200 lux gemiddeld kan in de hoeken op 60 lux staan en onder de mast op 400. Daar valt niet op te spelen: een keeper kijkt van donker naar licht en de bal verdwijnt in de overgang. Daarom staat naast elke luxeis een U2, de verhouding tussen minimum en gemiddelde. U1, de verhouding tussen minimum en maximum, moet ten minste de helft van U2 zijn. Wij leveren de berekening met beide waarden, per meetpunt.
De getallen in de norm gelden aan het eind van de onderhoudscyclus, niet bij oplevering. Wie ontwerpt op nieuwwaarde levert een veld dat na een paar jaar onder de norm zit en dat bij een keuring afvalt. De norm schrijft daarom voor dat de onderhoudsfactor vooraf met de opdrachtgever wordt afgesproken. Wij zetten die factor in het lichtplan, met de aanname erbij. De waarden gelden voor het hoofdspeelveld; waar de norm ook een totaal gebied noemt, moet dat op minimaal 75% van zowel de verlichtingssterkte als de uniformiteit zitten.
Voor klasse III en II volstaat Ra 60, voor klasse I vraagt de norm Ra 70. Wordt er gefilmd, ook al is het alleen de clubcamera achter het doel, dan telt daarnaast de flikkervrijheid van de driver: bij slow motion maakt een pulserende lichtstroom banden in het beeld. Geef bij uw aanvraag door of er camera’s komen, dan houden wij daar in de driverkeuze rekening mee. Voor toeschouwersruimten geldt gemiddeld ten minste 10 lux zittend en 20 lux op trappen en hellende vlakken, en de norm eist dat de verlichting bij storing veilig gestopt kan worden; het doorspelen van een wedstrijd vraagt minimaal het klasse III-niveau.
In drie stappen: eerst de energierekening met onze eigen configuratie, dan de subsidie, dan de terugverdientijd op uw eigen cijfers. Wij rekenen met €0,30 per kWh inclusief BTW en 500 branduren per jaar. Beide staan hier zichtbaar, zodat u ze kunt vervangen door uw eigen getallen.
Een wedstrijdveld op 200 lux, klasse II, verlichten wij met acht masten en één armatuur per mast. Waar een klassieke installatie drie tot zes schijnwerpers per mast heeft, hangt hier er één: minder montagepunten, minder bekabeling, minder onderhoudsbeurten op hoogte, minder windbelasting op de mast en een rustiger silhouet op het sportpark.
Bij 500 branduren per jaar en €0,30 per kWh inclusief BTW. Een amateurvereniging is doorgaans niet BTW-plichtig, dus dit is het bedrag dat u werkelijk betaalt. Draait u zeven avonden per week, reken dan met uw eigen branduren.
De clubs die bij ons overstapten, zagen hun energierekening met 68 tot 80% dalen. Dat is gemeten bij die clubs, niet gemodelleerd.
Van al het licht dat onze armaturen maken, komt ongeveer 60% op het veld terecht. Bij een klassieke installatie is dat 40 tot 55%. Het verschil verdwijnt daar in de lucht, tegen de gevels en over de erfgrens: u betaalt ervoor en de buurt heeft er last van.
Dat is geen bijvangst van onze optiek, dat is waarvoor hij gebouwd is. Bij het veld van 100 × 64 m is voor 200 lux 1.280.000 lumen op het speeloppervlak nodig; de acht armaturen leveren bij 171 lm/W bruto 2.052.000 lumen. Dat is 62% rendement op het veld, en 59% bij het grotere veld. Narekenbaar, en dat mag ook.
LED-veldverlichting valt sinds 2026 onder DUMAVA, de subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed van RVO. Amateursportverenigingen en sportaccommodaties komen daar expliciet voor in aanmerking, en LED-sportveldverlichting staat expliciet als subsidiabele maatregel genoemd. Losse maatregelen: 20% van de projectkosten, met minimaal €2.500 en maximaal €1,5 miljoen subsidie. Een integraal project: 30%, en tot 40% bij een hoge energieprestatie.
Wij begeleiden de aanvraag en leveren de onderbouwing die RVO vraagt: lichtplan, vermogensopgave, berekende besparing en specificaties. Zie subsidietraject en begeleiding.
BOSA is per 2026 versoberd en verduurzaming is eruit gehaald. Het basispercentage ging van 30 naar 20%, het verhoogde percentage van 40 naar 30%, en dat verhoogde tarief geldt alleen nog voor toegankelijkheid, circulariteit en klimaatadaptatie. Energiebesparing en LED vielen tot en met 2025 onder de 40% en gaan nu niet meer via BOSA. Het jaarbudget daalde van circa €80 miljoen naar €46,5 miljoen.
BOSA blijft het tweede spoor voor het niet-energiedeel van een project: bouw, onderhoud en de aanpassingen die daar wel onder vallen. Zie BOSA en DUMAVA 2026.
Wat het bij uw veld wordt, hangt af van uw masten, uw huidige armaturen en uw branduren. Een gemiddelde uit een brochure zegt daar niets over. Reken het zelf door met onze calculator (aantal armaturen, type, vermogen, branduren en stroomprijs), of laat ons het doen op basis van uw laatste jaarafrekening.
Het DUMAVA-loket is open van 1 juni tot en met 16 oktober 2026. Het budget is €405 miljoen; per 3 augustus 2026 was daarvan nog ongeveer 70% beschikbaar, circa €283,5 miljoen. Een aanvraag vraagt een onderbouwd lichtplan, dus begin daar tijdig aan.
Sportparken raken steeds vaker aan nieuwbouw of aan beschermd gebied. De norm begrenst daarom het licht dat naar de omgeving weglekt, per omgevingszone. Dat is geen bijzaak: het is de meest voorkomende reden dat een verlichtingsplan wordt afgekeurd of dat een club na oplevering alsnog moet dimmen.
Een full cut-off armatuur straalt per definitie niets boven de horizontaal uit, dus de opwaartse lichtstroom is 0%. Dat is de enige waarde die in zone E1 is toegestaan. Een sportpark naast een natuurgebied of in het buitengebied is in de praktijk E1 of E2, en daar valt een groot deel van de armaturen op de markt af.
Wij toetsen elk plan aan de NSVV-richtlijn Lichthinder en zijn aangesloten bij de NSVV-gedragscode lichtberekeningen. Vraagt uw gemeente om een lichthinderonderbouwing bij de omgevingsvergunning, dan leveren wij die aan: berekening met gevelpunten, opwaartse lichtstroom en de zone waarin het sportpark valt.
De DarkLicht heeft een modulaire reflectoroptiek waarin de lichtbron wegvalt achter de afscherming. Het armatuur hangt vlak, niet gekanteld. Wie langs het veld staat ziet dus geen lichtpunt, en boven de horizontaal gaat niets weg.
Op veel sportparken brandt het licht omdat de laatste trainer vergat het uit te doen, of het brandt niet omdat de sleutelhouder er niet was. Dat is een beheerprobleem en geen lichtprobleem, en het is met sturing op te lossen. Wij leveren de verlichting dimbaar en schakelbaar, en stemmen het regime af op hoe uw park werkt.
Belangrijk bij lichthinder: een curfew, het tijdstip waarna strengere grenswaarden gelden, is alleen te halen als de installatie zich daaraan houdt. Een dimprofiel dat om 23.00 uur terugschakelt is vaak het verschil tussen wel en geen klacht.
De basis: aan bij een ingestelde lichtwaarde of tijd, uit op een vast tijdstip. Geen sleutel nodig, en geen veld dat de hele nacht brandt omdat de laatste trainer het vergat.
Per veld of per veldhelft aan en uit, met een rechtenstructuur zodat niet iedereen alles kan schakelen. Handig bij verenigingen met meerdere teams op één avond.
Schakelen op reservering of op aanwezigheidsdetectie: het licht gaat aan als het veld in gebruik is en uit als de laatste groep weg is. Dit levert in de praktijk de grootste besparing bovenop de LED-winst.
Eén installatie, twee niveaus: trainen op klasse III en spelen op klasse II. Dat scheelt vermogen op de avonden dat er geen wedstrijd is, en een dimprofiel voor de late uren houdt u binnen de curfew-grenzen.
Vaak kan het, maar niet zomaar. Nieuwe armaturen hebben een ander gewicht en een ander windvangend oppervlak dan wat er hing, en uw mast is berekend op de oude situatie. Bij één armatuur per mast in plaats van vier gaat de belasting meestal omlaag, wat in uw voordeel werkt. Wij kijken naar de mastcertificaten, het bouwjaar, de staat van de voet en de deurtjes, en de bestaande bekabeling. Is er geen documentatie, dan is een visuele inspectie en soms een mastberekening nodig; de kosten daarvan zijn een fractie van een nieuwe mast.
Blijkt vervanging nodig, dan leveren wij de masten mee. Zie lichtmasten en high mast verlichting voor de categorieën, de fundering en het regime: tot 20 meter EN 40, daarboven een projectmatige beoordeling volgens de Eurocode.
Montage op een lichtmast is werken op hoogte: dat vraagt VCA**, de juiste hoogwerker of klimvoorziening, en een taakrisicoanalyse per locatie. Onze monteurs zijn daarvoor gecertificeerd. Voert uw eigen installateur het werk uit, dan leveren wij de montage-instructies, de aanhaalmomenten en het aansluitschema mee, en blijft die verantwoordelijkheid bij hem. Zie installatie en onderhoud.
Indicatief, en altijd de uitkomst van de lichtberekening. Wij gaan bij twijfel liever de hoogte in: hoe hoger het armatuur hangt, hoe kleiner de hoek waaronder het licht op het veld valt. Daardoor blijft het licht op het speelvlak in plaats van erlangs, en hoeft er niet gekanteld te worden. Juist dat kantelen is wat hinder en verblinding veroorzaakt. Een hogere mast is dus geen zwaardere ingreep maar een rustiger lichtbeeld.
Op sportvelden zetten wij de DarkLicht-vlakstralers in: full cut-off, vlak hangend, met een modulaire reflectoroptiek die het licht zo nauwkeurig richt dat er vrijwel niets buiten het veld valt. De lichtbron zit weg achter de reflector, dus omwonenden kijken niet in een lichtpunt.
Eén armatuur per mast, acht masten, 200 lux over het hele veld. Dat is de configuratie, en die is nagerekend.
Op een sportveld gaat het om de grotere uitvoeringen: DarkLicht One, Two en Three, van 320 tot 1.800 W. Welke daarvan op uw veld komt, volgt uit de veldmaat en de masthoogte; voor kleinere banen en lagere masten is DarkLicht D de compactere keuze. Vraag een proefarmatuur aan om het op uw eigen veld te zien.
Over kwaliteit en garantie: productkwaliteit en onze keurmerken.
Vijf jaar op het complete armatuur. Zolang er een onderhoudscontract loopt bij ons of bij een door ons aangewezen partij, verlengen wij de garantie op de behuizing naar tien jaar. Zonder lopend onderhoudscontract geldt de standaardtermijn van vijf jaar.
Geen quotes, maar wat er stond, wat er nu staat en wat de rekening deed. De percentages komen van de clubs zelf, uit hun eigen jaarafrekening.
Op de velden van RKAV Volendam hingen conventionele schijnwerpers met een hoge kantelhoek, waardoor er licht over de erfgrens ging. Er hangen nu DarkLicht-vlakstralers, vlak gemonteerd op de bestaande masten. De vereniging houdt het wedstrijdniveau en betaalt 74% minder aan stroom voor de veldverlichting.
voetbal
Vervanging van de bestaande veldverlichting op de speelvelden, met behoud van de masten. Doel was zowel de energierekening als de klachten uit de buurt: door de vlakke montage en de scherpe cut-off valt er nu vrijwel geen licht buiten het veld. Gemeten daling van de energiekosten: 72%.
Tennisbanen met lage montagehoogte, waar verblinding bij de opslag het bepalende punt was. De banen zijn omgebouwd naar DarkLicht met afgeschermde optiek. Dit is de hoogste besparing van onze vijf sportreferenties: 80% lagere energiekosten, bij een beter lichtbeeld op de baan.
Ombouw van de veldverlichting bij de voetbalvereniging, met behoud van de mastposities. Van de vijf referenties is dit de laagste besparing, en dat heeft een reden: hier hing al deels nieuwere verlichting. Ook dan blijft er 68% over, wat aangeeft wat de optiek zelf oplevert.
Korfbalveld waar de paal middenin het veld staat en schaduwwerking dus zwaar telt. De mastopstelling is daarop aangepast en de armaturen zijn vervangen door DarkLicht. De energiekosten voor de veldverlichting daalden met 78%.
Wij komen langs met een proefarmatuur en hangen het op uw eigen mast, zodat u het lichtbeeld ziet voordat u iets besluit. De lichtberekening maken wij kosteloos, ook zonder opdracht.
Voert u het werk zelf uit, of schrijft u een bestek voor een gemeente, dan bent u bij ons klant en geen concurrent. Hieronder de zes vragen die wij in de praktijk het vaakst krijgen, met het antwoord erbij in plaats van een lijstje samenwerkingsvoordelen.
DIALux-berekening met meetpunten, IES-bestanden van de toegepaste armaturen, montagetekeningen, aansluitschema’s en datasheets. De datasheet is een directe download; IES en 3D leveren wij op aanvraag.
Ja. Vijf jaar op het complete armatuur geldt ongeacht wie monteert, mits volgens onze montage-instructie. De verlenging naar tien jaar op de behuizing hangt niet aan de monteur maar aan het onderhoud: die geldt zolang er een onderhoudscontract loopt bij ons of bij een door ons aangewezen partij. Dat is meteen een reden om het onderhoudscontract mee te verkopen.
Beide kan. Levert u het werk als hoofdaannemer, dan factureren wij aan u. Wil de vereniging of gemeente rechtstreeks kopen en u alleen monteren, dan factureren wij aan hen en blijft u opdrachtnemer van de montage.
Wij handelen de garantie af en leveren het vervangende armatuur. Wie erheen gaat spreken we vooraf af: doet u het zelf, dan vergoeden wij het armatuur en de materialen; hebt u geen materieel voor werken op hoogte, dan komen onze monteurs.
De gangbare DarkLicht-uitvoeringen leveren wij uit voorraad of op korte termijn; bij een volledige veldinstallatie stemmen wij de levering af op uw montageplanning. Geef de gewenste montageweek door bij de aanvraag, dan zeggen wij of dat haalbaar is voordat u inschrijft.
Beide leveren wij. Bij een bestek op functionele eisen schrijven wij de tekst mee op lux, uniformiteit, opwaartse lichtstroom en onderhoudsfactor. Staat er een concurrerend armatuur voorgeschreven, dan leveren wij een gelijkwaardigheidsverklaring met de onderbouwing per eis. Dit is voor gemeenten en adviesbureaus vaak de reden om te bellen.
Staat uw vraag er niet bij? Bel ons met de veldafmeting en het aantal masten bij de hand, dan hebt u binnen tien minuten een indicatie.
Voor training en recreatie, klasse III, vraagt NEN-EN 12193 75 lux gemiddeld onderhouden bij een uniformiteit U2 van 0,50. Voor competitie op club- en regionaal niveau, klasse II, is dat 200 lux bij U2 0,60. Klasse I, nationaal en internationaal, vraagt 500 lux bij U2 0,70. Het zijn onderhouden waarden: ze gelden aan het eind van de onderhoudscyclus.
Hockey heeft een eigen, strengere tabel: 200 lux bij U2 0,70 voor klasse III, 300 lux bij U2 0,70 voor klasse II en 500 lux bij U2 0,70 voor klasse I. Op trainingsniveau is dat bijna drie keer zoveel licht als bij voetbal, met een veel strakkere verdeling, omdat de bal klein, laag en snel is.
Korfbal volgt dezelfde tabel als voetbal: 75 lux bij U2 0,50 voor klasse III, 200 lux bij U2 0,60 voor klasse II en 500 lux bij U2 0,70 voor klasse I. Het verschil zit in de opstelling: de korfbalpaal staat middenin het veld, dus schaduwwerking van de mastposities telt zwaarder.
Voor tennis en padel geldt 200 lux bij U2 0,60 voor klasse III, 300 lux bij U2 0,70 voor klasse II en 500 lux bij U2 0,70 voor klasse I. Bij padel moet er bij beide ingangen een veiligheidszone vrij blijven: 2 m breed, 4 m hoog en 4 m vanaf het midden naar beide zijden. Daar mag geen mast of armatuur staan.
Rugby volgt de tabel van voetbal: 75 lux voor klasse III, 200 lux voor klasse II en 500 lux voor klasse I. Het veld is met 144 × 69 m wel aanzienlijk groter, dus er zijn meer masten nodig en de in-goal-zones vragen expliciet aandacht in de berekening.
Bij honkbal en softbal gelden twee niveaus in één installatie. Honkbal klasse III: 300 lux op het binnenveld bij U2 0,50 en 200 lux op het buitenveld bij U2 0,30; klasse II 500 en 300 lux. Softbal klasse III: 200 lux binnen en 100 lux buiten. Het binnenveld is 27,5 × 27,5 m bij honkbal en 20 × 20 m bij softbal.
Handbal volgt de tabel van voetbal: 75 lux voor klasse III, 200 lux voor klasse II en 500 lux voor klasse I, op een veld van 40 × 20 m. Omdat het veld klein is en vaak dicht bij bebouwing ligt, is de lichthinderkant hier meestal bepalender dan de luxeis.
Voor atletiek en manege geldt 100 lux bij U2 0,50 voor klasse III, 200 lux bij U2 0,50 voor klasse II en 500 lux bij U2 0,70 voor klasse I. Bij hardloopnummers mag in klasse III naar 50 lux worden gezakt. Bij werpnummers telt daarnaast de hoogte van de lichtbundel: discus en speer kunnen erboven uitkomen.
Dat hangt af van het niveau, de veldmaat, of uw masten kunnen blijven staan en of wij monteren of uw eigen installateur. Wat wij wel exact kunnen zeggen is de exploitatie: een wedstrijdveld op 200 lux verlichten wij met acht masten en één armatuur per mast, 12,0 kW op een veld van 100 × 64 m. Dat is 6.000 kWh en ongeveer €1.800 aan stroom per jaar bij 500 branduren en €0,30 per kWh inclusief BTW.
Voor LED-veldverlichting is dat sinds 2026 DUMAVA: 20% van de projectkosten bij losse maatregelen, 30% bij een integraal project en tot 40% bij een hoge energieprestatie, met minimaal €2.500 en maximaal €1,5 miljoen subsidie. Het loket is open tot en met 16 oktober 2026. Wij leveren de onderbouwing die RVO vraagt en begeleiden de aanvraag.
BOSA is per 2026 versoberd: het basispercentage ging van 30 naar 20%, het verhoogde percentage van 40 naar 30%, en dat verhoogde tarief geldt alleen nog voor toegankelijkheid, circulariteit en klimaatadaptatie. Energiebesparing en LED vielen tot en met 2025 onder de 40% en zijn eruit gehaald. Het jaarbudget daalde van circa €80 miljoen naar €46,5 miljoen. LED-sportveldverlichting staat nu expliciet in DUMAVA als subsidiabele maatregel.
Die rekenen wij niet voor met een verzonnen investeringsbedrag. De uitkomst hangt af van uw masten, uw huidige armaturen en uw branduren. Vul de calculator in met uw aantal armaturen, type, vermogen, branduren en stroomprijs, dan krijgt u een rapport, of stuur ons uw laatste energieafrekening en wij rekenen het door.
Vaak wel. Nieuwe armaturen hebben een ander gewicht en windvangend oppervlak dan wat er hing, dus de mast moet opnieuw worden beoordeeld. Maar met één armatuur per mast in plaats van vier gaat de belasting meestal juist omlaag. Wij kijken naar de mastcertificaten, het bouwjaar, de staat van de voet en de bekabeling. Zonder documentatie is een inspectie en soms een mastberekening nodig.
Door te ontwerpen op de omgevingszone en niet alleen op het veld. De norm begrenst het licht op gevels en de opwaartse lichtstroom per zone: in E1 mag er 0% omhoog, in E2 5%. Een full cut-off armatuur straalt per definitie niets boven de horizontaal uit en haalt die 0%. Daarnaast helpt een dimprofiel voor de late uren, en een berekening met gevelpunten die u aan de buurt kunt laten zien.
Voor het vervangen van armaturen op bestaande masten meestal niet; voor nieuwe of hogere masten vaak wel. Het bestemmingsplan of de omgevingsverordening kan bovendien grenswaarden voor lichthinder vastleggen, zeker naast een woonwijk of Natura 2000-gebied. Wij leveren de lichthinderonderbouwing bij de aanvraag: berekening met gevelpunten, opwaartse lichtstroom en de zone waarin het park valt.
Ja. Dat kan op reservering of op aanwezigheidsdetectie: het licht gaat aan als het veld in gebruik is en uit als de laatste groep weg is. In de praktijk levert dat de grootste besparing bovenop de LED-winst, omdat het de uren aanpakt in plaats van alleen het vermogen.
Ja, per veld of per veldhelft, met een rechtenstructuur zodat niet iedereen alles kan schakelen. Wij combineren dat meestal met een schakelklok als achtervang, zodat het licht ook uitgaat als niemand aan de app denkt.
Ja. Eén installatie kan op twee niveaus draaien: trainen op klasse III en spelen op klasse II. Dat scheelt vermogen op de avonden zonder wedstrijd, en een dimprofiel voor de late uren houdt u binnen de strengere curfew-grenswaarden.
De DarkLicht-armaturen die wij op sportvelden toepassen halen 103.500 uur, L90B05. Bij 500 branduren per jaar is dat een looptijd waar geen enkele vereniging binnen een generatie tegenaan loopt. De AC-drivers hebben een levensduur van meer dan 130.000 uur.
Vijf jaar op het complete armatuur. Zolang er een onderhoudscontract loopt bij ons of bij een door ons aangewezen partij, verlengen wij de garantie op de behuizing naar tien jaar. Zonder lopend onderhoudscontract geldt de standaardtermijn van vijf jaar. Wij noemen dat liever zo dan “tien jaar garantie”, want dat laatste is een belofte die niet in alle gevallen waar is.
Ja, mits volgens onze montage-instructie gemonteerd. De vijfjaarstermijn hangt niet aan de monteur. De verlenging naar tien jaar op de behuizing hangt aan het onderhoudscontract, niet aan wie de montage heeft gedaan.
Ja. Dat is een van de twee routes op deze pagina: wij leveren armaturen, lichtplan en montagemateriaal, en uw installateur voert uit. U krijgt dan ook de montage-instructies, aansluitschema’s en IES-bestanden.
Dat doen wij regelmatig. Voor een vereniging met een vaste huisinstallateur, of een gemeente die moet aanbesteden en niet één-op-één kan gunnen, is dat vaak de enige werkbare route. Wij ondersteunen uw installateur met specificaties, montage-instructies en telefonisch overleg tijdens de uitvoering.
Ja, beide. Bij een functioneel bestek schrijven wij de eisen mee op lux, uniformiteit, kleurweergave, opwaartse lichtstroom en onderhoudsfactor. Staat er een ander armatuur voorgeschreven, dan leveren wij een gelijkwaardigheidsverklaring met de onderbouwing per eis.
Dan wordt het vervangen; met één armatuur per mast is een uitval wel direct merkbaar op dat deel van het veld. Daarom houden wij de gangbare uitvoeringen op voorraad en spreken wij bij een onderhoudscontract een reactietermijn af. Zonder contract handelen wij het als garantiegeval af, maar dan bepaalt de beschikbaarheid van materieel voor werken op hoogte de doorlooptijd.
Voor clubcamera’s en streaming op club- en regionaal niveau wel: dan bepalen de kleurweergave (Ra 60 voor klasse II en III, Ra 70 voor klasse I) en de flikkervrijheid van de driver het beeld. Geef bij de aanvraag door of er gefilmd wordt, dan kiezen wij de driver daarop. Voor televisieproducties met slow motion en hoge camerastandpunten is stadionwerk nodig; daar zijn wij niet de aangewezen partij voor.
Meestal valt veldverlichting onder de gebouwen- of inventarisverzekering van de vereniging, maar mast en armatuur worden niet altijd automatisch meegenomen. Geef uw verzekeraar de investeringssom, het aantal masten en de armatuurspecificatie door. Wij leveren daarvoor een opgave met typen, aantallen en waarden.
Een lichtplan is de technische onderbouwing: berekening in lux, U2 en U1 per meetpunt, de mastposities, de armatuurtypen, de onderhoudsfactor en de toetsing aan de norm en aan de eisen van uw bond. Een offerte is de prijs voor het uitvoeren daarvan. Wij maken het lichtplan kosteloos, ook als u er geen opdracht op geeft.
Voor een vereniging, een gemeente, een installateur of een adviesbureau. Wij maken de lichtberekening kosteloos, ook zonder opdracht, en zeggen erbij welke klasse van toepassing is en of uw masten kunnen blijven staan.
Uw aanvraag wordt beoordeeld door een engineer. Wij reageren binnen 1 werkdag.